mobiliteitsbudget

Mobiliteitsbudget

Mobiliteitsbudget: een nieuwe vorm in flexibele verloning…

Geert Dilles licht het u verder toe.

Ubo register

De deadline nadert…

Uitgesteld tot 30/09/2019! Ubo-register: een bijkomende verplichting voor alle vennootschappen.

In het kader van de strijd inzake het voorkomen van het witwassen van geld, de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten, heeft de belgische wetgever de betreffende europese richtlijn omgezet in wet. Dit gebeurde reeds vorig jaar op 18 september 2017, maar deze zomer werd het koninklijk besluit pas gepubliceerd voor de uitwerking van deze wet.

Het koninklijk besluit legt de concrete modaliteiten vast van het ubo register.

Ubo staat voor ‘ultimate beneficial owner’, met name de uiteindelijke begunstigde van een vennootschap, of andere ‘andere juridische entiteiten’ binnen belgië, zoals een vereniging, maatschap of trust.

De overheid is verplicht om gedetailleerde informatie in te winnen van deze ubo’s en deze in een centraal register te verzamelen. Wie deze ubo’s zijn, is te lezen op de website van de fod (zie link hieronder).

Het kb treedt pas in werking op 31 oktober 2018 doch momenteel kan het register nog niet worden ingevuld of geraadpleegd door de bevoegde diensten.

Omdat de deadline van het invullen van het ubo register betrekkelijk snel zal vallen, kan u zich best al voorbereiden als volgt (cfr. Instructies fod):

  • Te zorgen voor een wettelijke vertegenwoordiger of een gevolmachtigde met een e-id die de informatie genoemd in het koninklijk besluit via het elektronische platform myminfin in naam van uw organisatie kan invullen;
  • Te bepalen tot welke categorie uit de bovenstaande rubriek 2 uw uiteindelijke begunstigde behoort;
  • Te beschikken over nauwkeurige en uitvoerige informatie over de uiteindelijke begunstigden van uw organisatie en van alle juridische entiteiten waarvan uw uiteindelijke begunstigden gebruikmaken om zeggenschap over uw organisatie uit te oefenen;
  • Te beschikken over bewijsstukken waaruit blijkt dat uw informatie toereikend, accuraat en actueel is;
  • Te zorgen voor procedures binnen uw organisatie zodat elke wijziging in de informatie over uw uiteindelijke begunstigden binnen de maand aan het ubo-register wordt overgemaakt.

Uiteraard kunnen wij als accountingteam nv, u begeleiden bij iedere stap tot het invullen van dit register. U zal hiervoor ook vele documenten ontvangen van de banken en andere entiteiten, waar wij u ook kunnen bij helpen.

https://financien.Belgium.Be/nl/ubo-register

Copyright – accountingteam nv

 

nieuwe wetgeving voordeel alle aard

Hoger prijskaartje voor de VAA woonst

Het voordeel alle aard woonst: nieuwe wetgeving…

De berekening van het voordeel alle aard woonst is al jaren het onderwerp van discussie. Vooral de verschillende wijze van berekening wanneer het voordeel van woonst die ter beschikking werd gesteld door een vennootschap (vermenigvuldigd met 1,25 of 3,8 afhankelijk van het ki) of door een natuurlijk persoon (geen factor) stuitte op veel weerstand gezien het een ongelijke behandeling was.
De rechtspraak heeft in verschillende arresten de wetgever en bijgevolg ook de fiscus in het ongelijk gesteld.

Deze arresten zorgde ervoor dat de fiscus, via een circulaire in mei 2018, aankondigde dat het niet gebruik van de factor bij terbeschikkingstelling van een vennootschap van 1,25 of 3,8 voor de inkomstenjaren 2016 (indien tijdig) 2017 en 2018 niet bestraft zou worden.

Voor de voorgaande jaren kan men een ambtshalve ontheffing vragen, doch hier verzet de fiscus zich wel, waardoor een rechtsprocedure moet gestart worden. De visie van de rechtbanken voor deze procedure n.A.V. De ambtshalve ontheffing is nog niet gekend.

Het vervolg van de saga: er werd eind 2018 een kb gepubliceerd waarin wordt gesteld dat de berekeningen van het vaa woonst moet worden met een factor 2, zowel bij terbeschikkingstelling door een vennootschap, als bij terbeschikkingstelling door een natuurlijk persoon.

Voorbeeld op jaarbasis wanneer het ki hoger is dan 745 eur en een woning door de vennootschap ter beschikking wordt gesteld aan de zaakvoerder, met een ki van 2.000,00 eur en een privégebruik van 75%:

* regel Di Rupo:

Kadastrale inkomen x indexatie x privégebruik x 100/60 (gebouw) x 3,8

2.000 eur (ki)x 1,7863 x 75% 100/60 x 3.8 is 16.969,85 eur

* na arresten en circulaire (2016-2017-2018):

Kadastrale inkomen x indexatie x privégebruik x 100/60 (gebouw)

2.000 eur (ki)x 1,7863 x 75% 100/60 is 4.465,75 eur

* vanaf 1/1/2019:

Kadastrale inkomen x indexatie x privégebruik x 100/60 (gebouw) x 2

2.000 eur (ki)x 1,7863 x 75% 100/60 x 2 is 8.931,50 eur

Raadpleeg ons uitgebreid artikel

Accountingteam adviseert je met raad en daad, twijfel niet ons te contacteren.

werving koffie

Snuif al even onze bedrijfssfeer op

Werving 2019: drinken wij binnenkort misschien samen een koffie?

Accountingteam is een dynamisch accountantskantoor in volle expansie dat steeds op zoek is naar nieuwe medewerkers. Ben jij gepassioneerd in accountancy & fiscaliteit en heb je enkele jaren werkervaring? Werk je graag in een aangename werkomgeving waar verdere zelfontplooiing evident is? Bezorg ons dan snel je sollicitatie en wie weet drinken wij binnenkort samen een koffie!

aandeelhoudersovereenkomst

Wij brengen jou up-to-speed!

Wat is het nut van een aandeelhoudersovereenkomst?

Wie samen met een medevennoot een bedrijf opstart, staat doorgaans maar zelden stil bij de dag dat de samenwerking, om welke reden ook, zal eindigen. Door vooraf duidelijke afspraken te maken kunnen heel wat discussies en problemen worden vermeden. Een aandeelhoudersovereenkomst is hiervoor een geschikt instrument.

ubo register

UBO Register

UBO Register

In het kader van de strijd inzake het voorkomen van het witwassen van geld, de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten, heeft de Belgische wetgever de betreffende Europese richtlijn omgezet in wet. Dit gebeurde reeds vorig jaar op 18 september 2017, maar deze zomer werd het Koninklijk Besluit pas gepubliceerd voor de uitwerking van deze wet.
Het Koninklijk besluit legt de concrete modaliteiten vast van het UBO register.

Ubo staat voor ‘Ultimate Beneficial Owner’, met name de uiteindelijke begunstigde van een vennootschap, of andere ‘andere juridische entiteiten’ binnen België, zoals een vereniging, maatschap of trust.

De overheid is verplicht om gedetailleerde informatie in te winnen van deze UBO’s en deze in een centraal register te verzamelen. Wie deze UBO’s zijn, is te lezen op de website van de FOD (zie link hieronder).

Het KB treedt pas in werking op 31 oktober 2018 doch momenteel kan het register nog niet worden ingevuld of geraadpleegd door de bevoegde diensten.

Omdat de deadline van het invullen van het UBO register betrekkelijk snel zal vallen, kan u zich best al voorbereiden als volgt (cfr. instructies FOD):

  • “te zorgen voor een wettelijke vertegenwoordiger of een gevolmachtigde met een e-ID die de informatie genoemd in het koninklijk besluit via het elektronische platform MyMinFin in naam van uw organisatie kan invullen;
  • te bepalen tot welke categorie uit de bovenstaande rubriek 2 uw uiteindelijke begunstigde behoort;
  • te beschikken over nauwkeurige en uitvoerige informatie over de uiteindelijke begunstigden van uw organisatie en van alle juridische entiteiten waarvan uw uiteindelijke begunstigden gebruikmaken om zeggenschap over uw organisatie uit te oefenen;
  • te beschikken over bewijsstukken waaruit blijkt dat uw informatie toereikend, accuraat en actueel is;
  • te zorgen voor procedures binnen uw organisatie zodat elke wijziging in de informatie over uw uiteindelijke begunstigden binnen de maand aan het UBO-register wordt overgemaakt.”

Uiteraard kunnen wij als Accountingteam NV, u begeleiden bij iedere stap tot het invullen van dit register. U zal hiervoor ook vele documenten ontvangen van de banken en andere entiteiten, waar wij u ook kunnen bij helpen.

https://financien.belgium.be/nl/ubo-register

winstpremie

Je werknemers extra motiveren? Dat doe je met de winstpremie.

Je werknemers extra motiveren? Dat doe je met de winstpremie.

Elke werkgever weet het: het is niet altijd even eenvoudig om je werknemers te motiveren. Gelukkig kwam daar vanaf 1 januari 2018 verandering in. Enter: de winstpremie: een nieuw ‘bonussysteem’ om elke werknemer dat ietsje meer aan te moedigen.

Maar, ja. Wat is een winstpremie, eigenlijk?

Wel, deze premie is een gevolg van het zomerakkoord. Daar werd besloten om de deelname van werknemers in de winst van de onderneming te verbeteren én te vereenvoudigen. Op deze manier werd het mogelijk voor ondernemingen om de werknemer een bonus op de verdeelbare winst toe te kennen – en dit allemaal binnen een voordelig (para)fiscaal regime.

Hoe werkt het?

De winstpremie laat dus toe om (een deel van) de winst van de vennootschap op flexibele wijze uit te keren aan de werknemer. En, geen zorgen: hiervoor moet je de werknemer géén stemrecht als aandeelhouder binnen de onderneming verlenen.

De invoering van het systeem verloopt relatief eenvoudig.

Twee manieren voor de bepaling van de winstpremie

Enerzijds hebben we de identieke winstpremie: deze is gelijk voor iedereen.

Anderzijds hebben we de gecategoriseerde winstpremie: deze kan onderscheid maken op basis van objectieve criteria. Denk bijvoorbeeld aan anciënniteit, weddeschaal, enzovoort. (opgelet: de differentiatie tussen de werknemers kan maximaal een schaal van 1 tot 10 zijn)

Beide soorten van de winstpremie zijn onderworpen aan formele vereisten en verslaggeving, hetzij ieders op een andere manier.

Algemene voorwaarden om rekening mee te houden

  1. de winstpremie moet worden toegekend aan alle werknemers: het is een collectieve bonus, die niet toegekend wordt op basis van individuele prestaties van de werknemer.
  2. enkel de vennootschappen die onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting, komen in aanmerking.
  3. het kan gaan om een percentage van het loon of een vast bedrag. Wordt er voor percentage gekozen? Dan moet deze berekening nauwkeurig uitgewerkt worden.
  4. de winstpremie kan niét ter vervanging van een bestaand loon gegeven worden.
  5. deze bonus is niet-recurrent: geen automatische toekenning voor de volgende boekjaren.
  6. er is een begrenzing op 30% van de totale brutoloonmassa.
  7. cumul met niet-recurrente en resultaatgebonden voordelen (op basis van coa nr. 90) is mogelijk.
  8. de premie komt niet in aanmerking voor de berekening van het vakantiegeld en de opzeggingsvergoeding.
  9. toekenning van een deel van de winst als bonus kan vanaf 01/01/2018, op basis van de winst van het boekjaar met vroegste afsluitdatum 30/09/2017.

Sociale zekerheid

De werkgever is géén bijdrage verschuldigd, gezien de winstpremie niet aanzien wordt als een loonbestanddeel.

Belangrijk om weten: de werknemer zal een solidariteitsbijdrage van 13,07% moeten afdragen.

Fiscale wetgeving

De winstpremie wordt onderworpen aan een bevrijdende belasting van 7% (belasting gelijkgesteld met inkomstenbelasting). Dit komt omdat het hier om een systeem van winstdeling gaat – en dus geen beroepsinkomen betreft.

Belangrijk om mee te geven: de winstpremie moet vermeld worden in de aangifte personenbelasting, waardoor ook gemeentebelasting verschuldigd wordt.

In de vennootschapsbelasting is de winstpremie een verworpen uitgave – en wordt ze dus belast.

Conclusie

De winstpremie is een bijzonder interessant financieel systeem om uw werknemer te belonen, naast de warrant, de niet-recurrente resultaatgebonden voordelen conform cao nr. 90.

Heb je nog vragen over alle concrete voorwaarden en formaliteit? Aarzel dan niet om ons te contacteren: wij beantwoorden graag al je vragen!

Daarnaast kan je ook altijd de website van de overheid bezoeken, waar er nog meer op detail wordt ingegaan op deze wetgeving.

pensioenovereenkomst

Een zelfstandig spaarpotje voor de oude dag…

De pensioenovereenkomst voor zelfstandigen gaat officieel van kracht op 1 juli 2018

Begin februari 2018 werd het wetsontwerp betreffende de pensioenovereenkomst voor zelfstandigen goedgekeurd. Allemaal goed en wel, maar wat houdt deze regeling nu precies in? Wij lichten toe.

Hoe is het nu?

Momenteel kan een zelfstandige reeds een vrij aanvullend pensioen (oftewel: vapz) opbouwen. Dit moet beperkt blijven tot 8,17% van het netto belastbaar beroepsinkomen – en mag maximum 3.187,04 euro per jaar (3.666,85 euro voor social vapz) bedragen.

Voor zelfstandigen die in een vennootschap werken, is er bovendien nog een extra mogelijkheid tot pensioenopbouw om gebruik van te maken: via de interne pensioen toezegging (oftewel: ipt).

Wat verandert er?

De nieuwe regeling schept een nieuwe mogelijkheid voor zelfstandigen zonder vennootschap: via de pensioenovereenkomst voor zelfstandigen (oftewel: poz), kunnen ook zij een extra spaarpotje opbouwen voor hun oude dag. Deze regeling gaat van kracht op 1 juli 2018.

Voorwaarden

Natuurlijk zijn er enkele voorwaarden waaraan voldoen moet worden om hiervoor in aanmerking te komen. Wij sommen ze graag even voor je op.

  1. De poz is beschikbaar voor zelfstandigen die actief zijn als natuurlijk persoon (ook in bijberoep), een meewerkend echtgenoot of een helper van een zelfstandige.
  2. Het netto belastbaar beroepsinkomen voor een zelfstandige in bijberoep moet boven de 13.550,50 euro per jaar liggen.
  3. Bedrijfsleiders worden uitgesloten. Zij hebben deze mogelijkheid tenslotte al via ipt.
  4. De pensioenleeftijd van de zelfstandige moet vermeld worden in de overeenkomst én mag niet lager zijn dan de wettelijke pensioenleeftijd. Wordt het pensioen aangevraagd of is de wettelijke pensioenleeftijd bereikt? Dan wordt de poz uitbetaald, net zoals bij een andere groepsverzekering. Daarnaast kan het kapitaal van de poz ook worden uitgekeerd in geval van (vroegtijdig) overlijden van de zelfstandige.

Fiscale gevolgen

Verder komen er heel wat fiscale gevolgen kijken bij deze nieuwe pensioenovereenkomst. Hou deze dus zeker in het achterhoofd.

  1. De stortingen in de poz worden niet in mindering gebracht van het inkomen van de zelfstandige, wat verschilt met het vapz. Hierdoor hebben de stortingen in de poz geen invloed op de sociale bijdragen.
  2. De som van het wettelijk pensioen, het vapz én het poz-pensioen mag (omgerekend naar een jaarlijkse rente) niet hoger zijn dan 80% van de laatste drie jaar van de loopbaan als zelfstandige. Verliezen worden ook meegeteld. (opgelet: momenteel bestaan er nog onduidelijkheden over deze begrenzing, zoals meestal het geval is bij nieuwe regelingen)
  3. Door het poz heb je recht op een belastingvermindering van 30% én besparing op de gemeentebelasting.
  4. Er wordt een premietaks van 4,4% geheven, wat niet verschuldigd is bij het vapz.
  5. Bij de uitkering van de poz is er een riziv-bijdrage van 3,55% verschuldigd, wordt er een solidariteitsbijdrage van max. 2% aangerekend én is een afzonderlijk belastingtarief van 10% + gemeentebelasting van toepassing.
  6. De poz wordt belegd in een tak 21 of 23, wat betekent dat er, indien gewenst, meer risico genomen kan worden.
  7. Ook vastgoedfinanciering kan voorzien worden in de poz.

Daarnaast is het, net zoals bij de ipt, ook mogelijk om een ‘backservice’ aan te leggen over de voorbije jaren (bekijk het als een inhaalmanoeuvre). Deze mogelijkheid geldt wel pas vanaf 2018, dus zal de eerste jaren niet zo interessant zijn.

Conclusie

Ons besluit? Dat een poz best enkel aangewend wordt als er voldaan wordt aan deze drie criteria:

  1. Het (sociaal) vapz is volstort.
  2. Er is individueel pensioensparen (fiscaal voordelig in pb) afgesloten.
  3. Er is nog voldoende kapitaal over om extra pensioenopbouw te verzekeren.

Voor de rest achten wij de poz pas écht nuttig vanaf 30.000 euro netto belastbaar inkomen per jaar.

Heb je hier nog vragen over?

Aarzel dan niet om ons te contacteren. Onze specialisten vertellen je er graag wat meer over!

erfbelasting

Erfbelasting: nieuwe tarieven in 2018-2019

De tarieven van erfbelastingen veranderen in 2018-2019

Na veranderingen binnen het huwelijksvermogensrecht en het erfrecht, worden nu ook de tarieven van erfbelasting (voorheen ‘successierechten’) aangepast. Een logisch gevolg, maar geen om luchtig over te gaan. Lees onze blog en wees goed voorbereid!

1. Erven in rechte lijn

Erfgenamen in rechte lijn zijn: partners, kinderen, stief- of zorgkinderen en ouders. Wie wat erft, wordt geregeld in het erfrecht. Maar, ja. Welke tarieven zijn hierop van toepassing? Wij lichten toe.

Huidige situatie

Belangrijk om weten: elke situatie moet steeds afzonderlijk berekend worden: enerzijds op het onroerend gedeelte – en anderzijds op het roerend gedeelte. Maar, algemeen bekeken, zitten de huidige tarieven als volgt in elkaar:

  • Op de eerste schijf (0 – 50.000 euro) is het tarief van 3% van toepassing.
  • Op de tweede schijf (50.000 – 250.000 euro) is het tarief van 9% van toepassing.
  • Voor een bedrag van meer dan 250.000 euro is het tarief van 27% van toepassing.

Nieuw wetsvoorstel

Binnen het nieuwe wetsvoorstel blijven bovenstaande tarieven behouden, maar worden er enkele categorieën van erfgenamen bevoordeeld.

  • De partner geniet een vrijstelling voor de eerste schijf van 50.000 euro over het roerend gedeelte van de erfenis. (in concreto een belastingbesparing van 1.500 euro op vele erfenissen)
  • Jongeren, die onder de 21 jaar zijn en beide ouders verliezen, verkrijgen een vrijstelling voor de gezinswoning én een vrijstelling tot 75.000 euro over de roerende goederen.
  • De langstlevende echtgenoot wordt vrijgesteld van erfbelasting verschuldigd op de gezinswoning. Dit was eerder zo – en blijft gewoon behouden.

2. Erven in zijlijn en anderen

Huidige situatie

Hier maken we een onderscheid tussen twee groepen. Enerzijds broers en zussen – anderzijds ‘anderen’.

De huidige tarieven voor broers & zussen zitten als volgt in elkaar:

  • Op de eerste schijf (0 – 75.000 euro) is het tarief van 30% van toepassing.
  • Op de tweede schijf (75.000 – 125.000 euro) is het tarief van 55% van toepassing.
  • Voor een bedrag van meer dan 125.000 euro is het tarief van 65% van toepassing.

De huidige tarieven voor ‘anderen’ zitten als volgt in elkaar:

  • Op de eerste schijf (0 – 75.000 euro) is het tarief van 45% van toepassing.
  • Op de tweede schijf (75.000 – 125.000 euro) is het tarief van 55% van toepassing.
  • Voor een bedrag van meer dan 125.000 euro is het tarief van 65% van toepassing.

Nieuw wetsvoorstel

Binnen het nieuwe wetsvoorstel worden zowel tarieven als schijven aangepast. De verandering die het meest in het oog sprint? Dat het tarief van 65% wordt afgeschaft!

De nieuwe tarieven voor broers & zussen zien er zo uit:

  • Op de eerste schijf (0 – 35.000 euro) is het tarief van 25% van toepassing.
  • Op de tweede schijf (35.000 – 75.000 euro) is het tarief van 30% van toepassing.
  • Voor een bedrag van meer dan 75.000 euro is het tarief van 55% van toepassing.

De nieuwe tarieven voor ‘anderen’ zien er zo uit:

  • Op de eerste schijf (0 – 35.000 euro) is het tarief van 25% van toepassing.
  • Op de tweede schijf (35.000 – 75.000 euro) is het tarief van 30% van toepassing.
  • Voor een bedrag van meer dan 75.000 euro is het tarief van 55% van toepassing.

Heb je hier nog vragen over?

Aarzel dan niet om ons te contacteren. Wij helpen je graag vooruit!

innovatieaftrek

Leer alles over innovatieaftrek

Hoe kan innovatieaftrek leiden tot belastingvermindering? Ontdek het hier!

Laten we maar eerst bij het begin beginnen. Want, ja… wat is innovatieaftrek precies? Wel, de innovatieaftrek zorgt ervoor dat je geen vennootschapsbelasting moet betalen op 85% van de netto-inkomsten uit een aantal intellectuele eigendomsrechten. De schikking is toepasbaar vanaf de aanvraag van het recht én de niet-benutte aftrek is overdraagbaar naar volgende jaren.

Deze maatregel, die vanaf 1 juli 2016 in werking ging, is de opvolger van de eerdere belastingvrijstelling voor octrooi-inkomsten.

Wie komt in aanmerking voor de innovatieaftrek?

Binnenlandse vennootschappen enerzijds – en belgische vestigingen van buitenlandse vennootschappen anderzijds. Bovendien valt de noodzaak tot een eigen onderzoekscentrum, zoals bij die eerdere octrooi-aftrek, weg.

Over welke intellectuele eigendomsrechten gaat het?

  1. octrooien (of, met andere woorden, het tijdelijk alleenrecht om een uitvinding te verkopen, verleend door de overheid. Ook wel eens ‘patent’ genoemd!)
  2. kwekersrechten (of, met andere woorden, een vorm van intellectuele eigendom over nieuwe en waardevolle plantenrassen)
  3. auteursrechten op beschermde software, op bijkomende voorwaarde dat deze voortvloeit uit een onderzoeks- of ontwikkelingsproject.

Dat is natuurlijk niet alles: er zijn tenslotte nog heel wat andere situaties die baat hebben bij die innovatieaftrek. Te veel om hier op te sommen, zelfs. Aarzel daarom niet om eens langs te komen – en dan vertellen we je er met veel plezier wat meer over.

Jouw innovatieaftrek berekenen? Dat doen we zo.

Eerst en vooral, hanteren we altijd dezelfde formule:

85% van de netto-inkomsten * (kwalificerende uitgaven * 130% / globale uitgaven).

Een beetje vaag? Begrijpen we. Daarom geven we graag wat verhelderende uitleg mee over al deze termen:

  1. ‘netto-inkomsten’ zijn de innovatie-inkomsten, minus de eigen kosten voor o&o (oftewel; onder onderzoek, waarmee we al het creatief werk dat op systematische basis verricht wordt, bedoelen) met betrekking tot het intellectuele eigendomsrecht.
  2. ‘kwalificerende uitgaven’ zijn de uitgaven voor werkelijk o&o, die verband houden met het intellectueel eigendomsrecht, exclusief interco facturatie.
  3. de noemer bevat ook die interco facturatie.
  4. de bovenstaande formule mag maximaal ‘1’ bedragen.

Worstel je toch nog met wat onduidelijkheid omtrent de inhoud van die breuk – en dus het bedrag van de innovatie-inkomsten? Begrijpelijk. Vraag daarom zeker een ruling aan, zodat je binnen de kortste keren rechtszekerheid kan creëren omtrent het geheel.

Aan jouw dossierverantwoordelijke bij accounting team, bijvoorbeeld? Wij staan tenslotte klaar voor jou, wanneer jij dat nodig hebt. Tot snel!

accountingteam_innovatie from accountingteam on vimeo.