Wijziging van het erfrecht

02-11-2017

Wijziging van het erfrecht

Het burgerlijk wetboek is reeds meer dan 200 jaar oud en de meeste regels van het erfrecht dateren ook van die periode. Gezien de veranderende maatschappij, met o a samengestelde gezinnen, heeft de wetgever terecht geoordeeld dat deze wetgeving aan een revisie toe was. Enkel de burgerrechtelijke en gerechtelijke regels inzake vererving wijzigen, op het fiscaal vlak verandert er niets.

1. Keuze erfrecht

In principe blijft men vrij om te kiezen welk recht van toepassing is bij het openvallen van een nalatenschap. Wanneer men bijvoorbeeld de Franse nationaliteit heeft, doch in België woont, kan de erflater in zijn testament kiezen voor het Franse erfrecht. Heeft men vooraf geen keuze gemaakt, is het Belgisch erfrecht van toepassing op de verdeling van de nalatenschap, als de erflater in België woont, en dit ongeacht zijn nationaliteit.

2. Erfrechtovereenkomsten

Erfrechtafspraken of een erfrechtovereenkomst, waarbij de erflater en de kinderen de nalatenschap al verdelen voor het overlijden was verboden in België, behoudens enkele strikte uitzonderingen. In de nieuwe wet worden deze overeenkomsten wel toegelaten tussen ouders en kinderen onder bepaalde voorwaarden. Enkel wanneer alle kinderen akkoord zijn is de overeenkomst bindend na het openvallen van de nalatenschap, waardoor vele discussies kunnen worden voorkomen.

3. De reserve voor kinderen

Het principe van de reservataire erfgenamen blijft behouden, maar de verdeling van de reserve wordt aangepast. Een reservataire erfgenaam, zoals bijvoorbeeld een kind, heeft altijd recht op een bepaald deel van de erfenis, zonder dat hiervan kan worden afgeweken. Hieruit volgt dan ook het gegeven dat men kinderen niet kan ‘onterven’. In een testament kan de erflater enkel beslissen over het toebedelen van de rest van de nalatenschap, buiten de reserve. Dit principe blijft behouden, enkel de grootte van de reserve wijzigt. De reserve van de kinderen, ongeacht het aantal, wordt beperkt tot 50 % van de nalatenschap. Bijgevolg kan me vrij beschikken over de andere 50 % van de nalatenschap.

4. Reserve ouders

Bij kinderloze erflaters, was er ook een reserve voorbehouden voor de ouders, waardoor zij altijd recht hadden op een bepaald deel van de erfenis. Deze reserve wordt afgeschaft, waardoor kinderloze erflaters hun gehele vermogen bij testament aan een andere (derde) persoon kunnen toebedelen. Behoeftige ouders kunnen wel een onderhoudsvordering instellen op de nalatenschap.

5. Het vruchtgebruik

De langstlevende echtgenoot zal onder de nieuwe wetgeving nog steeds het vruchtgebruik erven over de gehele nalatenschap van de overleden echtgenoot, de erflater. Nieuw is dat de langstlevende echtgenoot ook het vruchtgebruik verkrijgt van de goederen die geschonken zijn door de erflater met voorbehoud van vruchtgebruik. Er wordt dus een nieuw vruchtgebruik gevestigd op de geschonken goederen voor de langstlevende, ook al is dit niet uitdrukkelijk gestipuleerd in de schenkingsakte. Bovendien wordt het ook mogelijk voor de erfgenamen die de blote eigendom ontvangen van de nalatenschap, om de omzetting van het vruchtgebruik van de langstlevende te vragen. Het vruchtgebruik van de goederen wordt dan gewaardeerd en kan worden afgekocht zodat de blote eigenaars nadien de volledige eigendom hebben. De langstlevende heeft wel een vetorecht mbt de omzetting van het vruchtgebruik van de gezinswoning en de huisraad. Op deze manier probeert de wetgever tegemoet te komen aan de problemen die zich stellen bij nieuw samengestelde gezinnen.

6. Geen inkorting/inbreng in natura meer

Één van de problemen die zich voordeed was de situatie dat een kind een huis geschonken had gekregen, en bij de vereffening en de verdeling van de nalatenschap bleek dat dat kind te veel had gekregen. Vroeger moest men het geschonken huis terug ‘inbrengen’ in de nalatenschap, om dan het geheel te verdelen. Dit zorgde natuurlijk voor veel praktische problemen en verregaande gevolgen. Nu heeft de wetgever beslist dat niet het huis terug moet worden opgenomen in de nalatenschap, maar enkel de waarde van het huis. Het kind mag het geschonken huis dus behouden, maar de tegenwaarde moet ingebracht worden in de nalatenschap door middel van verrekening ofwel door minderontvangst ofwel door opleg. Ook het tijdstip van de waarderingen van schenking wordt aangepast: in alle gevallen gebeurt de waardering voortaan op basis van de waarde bij schenking, geïndexeerd tot de dag van overlijden.

7. Schenking buiten deel

Het vermoeden inzake schenkingen wordt omgedraaid voor alle erfgenamen behalve kinderen. Vroeger ging men er vanuit dat een schenking een voorschot was op het erfdeel van de begunstigde, tenzij men uitdrukkelijk anders vermeldde. Voor erfgenamen, andere dan kinderen, moest dus rekening gehouden worden met deze schenking bij het verdelen van de nalatenschap, waardoor mogelijk ook hogere erfbelasting wordt geheven dan de schenkingsrechten die van toepassing waren. Dit vermoeden wordt voor hen in de nieuwe wet omgekeerd: een schenking gebeurt altijd buiten erfdeel, behalve deze aan kinderen. Wanneer men dus aan een broer of zus schenkt, zal dit dus buiten de nalatenschap worden gelaten, waardoor het schenkingstarief van toepassing blijft. Mocht u vragen hebben over deze nieuwe regelgeving of over successieplanning in het algemeen, staan wij steeds ter uwe beschikking.

Disclaimer

De door AccountingTeam aangeleverde informatie wordt slechts voor informatiedoeleinden voorbereid en aangeboden. Het vormt geen juridisch of ander professioneel advies en lezers worden aanbevolen niet op basis van deze informatie te handelen zonder eerst juridisch advies in te winnen. Het materiaal mag enkel voor persoonlijk gebruik worden geconsulteerd en gebruikt. Elk ander gebruik is verboden. De auteurs van de aangeleverde informatie en documenten aanvaarden geen aansprakelijkheid voor het gebruik ervan.